Over ons

Onze Berghoeve. Ons huis en onze plek. Als we ‘s morgens naar buiten kijken, zien we de weilanden om ons heen. Kunnen we kijken tot België en Duitsland. En we zien het nog steeds. Elke dag.

Blije koppies. Snappen we

We vinden het dan ook heel leuk als onze gasten net zo kunnen genieten van onze streek. Heerlijk om dat gevoel te kunnen delen. De blije koppies die na een dag bij ons binnenkomen en de verhalen die je dan hoort over de ontdekkingen van die dag. Wij worden er blij van. En wij snappen het natuurlijk als geen ander!

“Ligk dich hie mer, jong”

Eugène groeide hier op, op deze plek. Zijn opa en oma hadden hier hun boerderij met dieren en gewassen. Af en toe kwam een reiziger langs, op zoek naar een slaapplek. ‘Ruimte zat’, vonden opa en oma, en een slaapplek was gauw gemaakt. Eigenlijk beviel dat zó goed dat ze die ene slaapplek aanhielden. Er was altijd wel een ‘aanloper’ op het erf.

Een slaapplek werden er twee… en zo groeide het nog even door. Toen opa overleed, besloot oma het boerenbedrijf om te bouwen tot pension. De witte was, die elke dag lekker in de wind wapperde naast het pension, was voor voorbijgangers een bevestiging om bij de Berghoeve halt te maken: “Hier moet het wel schoon zijn”, was hun overweging.  

Tot over de oren

Eugène’s vader op zijn beurt bouwde het pension uit tot hotel en restaurant. Hotel Berghoeve was geboren. Samen met zijn vrouw runde hij 35 jaar het hotel.

Eugène had in de voetsporen van zijn opa willen treden; hij wilde boer worden. Toch kroop het bloed niet waar het gaan kon en hij koos voor de hotelschool. Daar ontdekte hij zijn liefde voor koken. Joyce maakte als vriendin van Eugène kennis met het hotel en het restaurant en – het was helemáál niet haar bedoeling – ook zij raakte een beetje verliefd op het vak. En de plek. En de gasten. (Én op Eugene natuurlijk). Samen werken we er nu iedere dag aan om onze gasten een heerlijke tijd te bieden.

Nog een generatie?

Onze kinderen Elin en Mats groeien op in het hotel. Ze zijn nu nog iets te jong om te weten of ze ooit het hotel willen voortzetten. Hoewel… Elin loopt als een mini-Joyce door het restaurant en de rest van het hotel; in vakanties en weekenden helpt ze mee waar het nodig is. Ziet u haar de ene dag in de bediening, de volgende dag helpt ze een handje bij het weer netjes maken van de kamers. Ze heeft het in de vingers, vinden wij.

Mats zie je waarschijnlijk door het hotel rennen; dat kan híj dan weer heel goed. Hij heeft nog zijn hele leven voor zich en moet eerst lekker kind zijn. De rest komt later.

En dan is er natuurlijk nog Scott, onze vrolijke Dalmatiër. Je ziet hem regelmatig voorbij huppelen in de tuin of rustig liggen soezen in de zon.

En nu jij

Mogen we jou gaan verwelkomen? Gezellig! We hopen dat ook jij ziet wat wij elke dag nog zien, dat je onze streek leert kennen – en misschien óns nog iets nieuws tipt -, dat je je lekker thuis voelt bij ons, dat je je elke dag verheugt op het diner van Eugène en dat je denkt: hier wil ik terugkomen.

We wachten op je!

Eugène, Joyce,
Elin en Mats